v1

Van der Steen

v1

Refrein.
Ik ben Van der Steen Dideldi Didelda Dideldom,
Met mijn derde been Dideldi Didelda Dideldom.
En waar ik ga en waar ik sta,
Roept eenieder mij achterna,
Ik ben van der Steen.
*1*
Heb medelij geacht publiek, mijn naam is van der Steen,
Ik ben zoals een ieder ziet, geboren met drie been,
En waar ik ga of waar ik sta, daar roept er groot en klein,
Zeg kijk eens een wonder man, en dan zing ik het refrijn.
Refrein
*2*
En ook vanavond ben ik hier, al op dit feest present,
En ga hier maar wat voor u staan, dan raakt u aan mij gewend,
Want heus het is een gek gezicht, en waarlijk niet zo fijn,
Maar dan denk ik van der Steen, zing maar weer je refrijn.
Refrein
*3*
Je snapt er wel dat derde been, bezorgt er mij veel last,
Ik weet nog goed, ik had er laast een aardig meisje vast,
Het was donker en ik nam haar gezellig op mijn knie,
Toen merkte ze mijn derde been, en weg was ze in een twee drie.
Refrein

*4*
Een andere keer och ja een man, die gaat er zelf op uit,
Je weet het zelf een ieder mocht, als hij kon een flinke meid,
Affin ik had er weer geluk zij was er niet zo klein,
En daarom merkte zij het niet, dus dat vond ik wel fijn.
Refrein
*5*
Ik sprak ze af, zei lieve schat, waar gaan we morgen heen,
Zij zei wij gaan er naar de hei, hoe vind je dat van der Steen,
Ik zei mijn poesje dat is goed, je bent een lieve zus,
En toen kreeg ik waarachtig ja, van haar een flinke kus.
Refrein
*6*
Den andere avond gingen wij op stap zo zij aan zij,
Zij keek geregeld om en plots daar zij ze tegen mij,
Zeg van der Steen je stapt met mij ‘k geloof niet in de maat,
Het is net of er nog een been, naast dat van jou heen gaat,
Refrein
*7*
Ik zeg ach kind dat denk je maar, ik dacht dat loopt weer fout,
Ik zeg zet flink je kraag weer op, want het wordt hier nogal koud,
Ik denk als zij dat nu maar doet, dan kijkt zij voor zich heen,
Want anders zit ik er weer naast, dank zij mijn derde been.
Refrein
*8*
Maar het werd wel mis want plots zei zij, blijf daar eens staan,
Ik trok gauw een beentje op, zij zag het nog net gaan,
Zij zei o jakkes wat is dat, zeg heb jij er drie been,
Toen duurde het niet lang meer of ik stond weer alleen.
Refrein
*9*
En nu vanavond ben ik hier, u allen ziet mijn been,
En dames wat ik u vragen wou, loopt u niet van mij heen,
Maar blijf gezellig in de zaal, je blijft bij van der Steen,
En zing dan met mij het refrein, al van mijn derde been

 

Aai Evers (de Raps)

Terug naar boven

v1

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  • Pagina's

  •