v1

"Piet van Oijen"

v1

 Piet van Oijen is doodgegaan op een maandag. Dat was niet in overeenstemming met zijn bedoeling, want hij hoopte op een vrijdag te zullen verscheiden, want dan is Petrus naar de vismarkt zei hij, en dan glip ik stilletjes de hemel binnen.
In Vlijmen, Noord-Brabant, zijn er niet velen die eraan twijfelen dat Piet van Oijen toch in de hemel is aangeland. Hij was 'nen beste mens, zeggen ze in Vlijmen. En met schitterogen vertellen ze over de handel en wandel van oude Piet, die, goed tachtig jaar oud, rustig, vriendelijk en beheerst afscheid nam van de wereld en begraven werd met carnavalseer.
Met carnavalseer begraven!. Dat is een vreemde zaak. Alle kranten hebben er dan ook over geschreven. Hebben gemeld, hoe de Vlijmense raad van elf Piet van Oijen na de uitvaartdienst in de kerk naar zijn graf droeg, helemaal achteraan op het kerkhof. Daar wou hij liggen. Dat had hij zelf tegen de pastoor gezegd. "Begraaf mij maar achteraan. Dat is 't goedkoopst en dan luiden de klokken 't langst".
Het is helemaal gebeurd zoals Piet het wilde. Het carnavalsbestuur, met witte hoge hoeden en een rouwband, heeft hem ter aarde besteld en een stram carnavals saluut gebracht bij de groeve. En nu is Piet van Oijen dus dood, maar het zal lang duren voor hij vergeten is in Vlijmen. En echt niet alleen omdat de kinderen van de openbare lagere school op de dag van zijn begrafenis zo fijn hebben kunnen snoepen (want volgens zijn laatste wil kregen ze allemaal voor honderdelf centen per hoofd lekkernijen), maar ook omdat een man als hij nu eenmaal voortleeft in de herinnering.
Een grote persoonlijkheid was hij. Hij kende heel Vlijmen en iedereen in Vlijmen kende hem. Zijn hele leven is hij vrijgezel gebleven en voor duizenden mensen heeft hij zich een goede vriend getoond. Hij was een machtige factor in het dorpsleven zonder nochtans ooit een officiele functie te hebben bekleed. Zijn beroep was kolenhandelaar Dat heeft hij uitgeoefend tot 1949. Tot dat jaar leverde hij brandstoffen - met uitzondering van eierkolen, waarvan hij vond dat hij daar te zwart van werd. Toen hij zich uit het zakenleven terugtrok heeft hij zijn zaak niet verkocht, maar gewoon weggegeven aan degene die na hem de klanten wilde bedienen. Geld betekende weinig voor hem. Hij was niet vermogend, maar hij kon ruim leven: Zo ruim als het een ruim denkend mens past.
Kroniekschrijver.
Groot van stuk was hij. Tegen de twee meter. En tot het laatst van zijn dagen in het volle bezit van zijn geestelijke vermogens en zijn zintuigen. Alleen zijn been, zijn voet, was niet best meer. In Vlijmen zeggen ze: "Piet van Oijen is doodgegaan aan zijn been. Medisch is daar niets tegen in te brengen. Hij kreeg narigheid met zijn voet, iets ongeneeslijks. Dokter van Benthem, die hem behandelde, heeft hem gezegd: Piet, ga nou naar het ziekenhuis en laat je helpen. Dat scheelt je een jaar of wat van je leven.
Maar Piet wilde niet. Hij begreep, dat aangetaste voet dan geamputeerd zou worden en daar bedankte hij voor. Ik ben met twee benen geboren, zei hij, en ik wil met twee benen sterven. Ik zie me al rondscharrelen met krukken. Nee, dat is niets voor mij.
Het was de beslissing van een moedig mens die zijn omgeving wilde sparen. Hij woonde in huis bij zijn neef, Piet Engelen, die een gezellig dorpscafé drijft. Piet Engelen is de zoon van zijn zuster Anna, bij wie hij jaren heeft ingewoond, tot zij stierf. Je zou kunnen zeggen dat Café Engelen in Vlijmen het stamhuis van de Van Oijens is. Piet van Oijen, de onvergetelijke, heeft er op het eerste halfjaar na, zijn hele leven gewoond. Eerst bij zijn ouders, toen bij zijn zus en tenslotte bij zijn neef Piet en diens vrouw. Vier dochtertjes hebben de heer en mevrouw Engelen. En als je nu aan de tweeeneenhalfjarige Leontientje vraagt: Wie is jouw beste vriend? dan antwoordt de kleine krullebol: Pietteoijen! Ja, zegt haar moeder, hij was dol op kinderen.
Zijn laatste levensjaren heeft Piet van Oijen voornamelijk in de sfeerrijke gelagkamer van het oude café doorgebracht. Hij placht te zitten aan het tafeltje in de hoek, dicht bij de kachel. Lezend en schrijvend. Heel vaak schrijvend, met potje inkt en kroontjespen. Hij was de kroniekschrijver van de streek. Boeken vol heeft hij geschreven over Vlijmen en het dorpsleven dat hem lief was.
Voor hem was de folklore een levend begrip. Hij spande zich in de Academie van Wetenschappen te voorzien van waardevolle gegevens. Het carnaval was ondenkbaar zonder zijn gedichten. Nooit ging de raad van elf vergeefs bij hem te rade. En als het grote jaarlijkse feest daar was, stapte hij in zijn enorme klompen en zette zijn enorme strooien carnavalshoed op. En zijn macht was groter dan die van Prins Carnaval zelf.
Dierbare school.
Notaris Huybrechts te Vlijmen heeft in zijn carriere vele testamenten gelezen, maar niet een is er zo merkwaardig als dat van Piet van Oijen. Gedeeltelijk is het berijmd. De kinderen van de openbare school hebben hun snoep voor een gulden elf per hoofd te pakken, volgens het testament van Piet van Oijen, waarin de navolgende regelsvoorkomen:
Als leerling en als handelaar
genoot ik van het openbaar
Van het bijzonder heb ik nooit genoten
Daarvan was ik altijd uitgesloten.
Piet van Oijen, hoewel rooms-katholiek, was als jongen leerling van de openbare school. Waarom ? Dat valt niet meer te achterhalen. In ieder geval zonden zijn ouders hem daarheen, en niet naar de grote katholieke school waar anno 1890 en daaromtrent vrijwel de gehele Vlijmense jeugd aan de appel der kennis knaagde. Piet heeft op de openbare lagere school lezen, schrijven en rekenen geleerd, plus wat aardrijkskunde en geschiedenis. En daar is hij zijn hele leven dankbaar voor gebleven. Stellig, omdat hij oud-leerling was, mocht hij in zijn latere leven die piepkleine school van brandstoffen voorzien, maar de bijzondere scholen te Vlijmen stelden op zijn leveranties geen prijs.
Mensen die Piet van Oijen goed gekend hebben en die zijn beweegredenen kunnen volgen, leggen u haarfijn uit waarom nu de kinderen van de openbare school door wijlen Piet zo goed bedacht zijn, met tevens het vooruitzicht dat vijfentwintig jaar lang, op zijn sterfdag, altijd weer fl. 1,11 voor snoep beschikbaar zal zijn. Er is hier altijd zo weinig aandacht besteed aan de openbare school. En kinderen, al zijn ze dan uit dat handjevol protestantse gezinnen of van ouders die helemaal buiten de kerk staan of van katholieke ouders de katholieke school niet willen, zijn toch kinderen.
Naar de openbare school hier in Vlijmen is nooit omgekeken. In de oorlog is het schoolgebouw verwoest. Toen na de oorlog een herbouwde school geopend werd, nam de toenmalige burgemeester niet eens de moeite daarbij aanwezig te zijn. Ziet u, dat stak Piet van Oijen, die zelf van de openbare school was. Daarom wou hij iets voor die kinderen doen.
Piet van Oijen had zelf geen vrouw en geen kinderen. Hij werd tachtig jaar als een zelfstandig denkend mens, die de plichten van zijn geloof nakwam, maar een eigen oordeel wilde hebben. Hij wist dat hij iets betekende in Vlijmen, maar hij wilde geen droefenis bij zijn verscheiden.
Hij heeft zijn zin gekregen.
Intuitie.
Piet van Oijen is, vlak na zijn dood, nieuws geweest voor Nederland. Ruw geschat driekwart van Nederland weet niet wat carnaval vieren is. Carnaval woont ten zuiden van onze grote rivieren. Daar heeft het zijn plaats in het ritme van het leven. Na dagen van ongeremde uitbundigheid volgen daar, natuurlijk en onaanvechtbaar, dagen van soberheid en bezinning. Piet van Oijen wilde een carnavaleske begrafenis. En die zij hem gegund, omdat hij ook zijn leven lang, dagen van soberheid en bezinning heeft gekend.
Piet van Oijen had de mens door. Daarvan getuigen tal van kersverse legenden in Vlijmen. Ach, Vlijmen ligt bepaald niet in de meest welvarende streek van Nederland. Daar is, voor de welvaart gemeengoed werd, veel ellende geweest. Bijvoorbeeld veel afgebrande boerderijen; Verzekering dekt de schade. Voelt u wel? Piet van Oijen was in die tijd befaamd vanwege zijn voorgevoel. Hij wist altijd te voorspellen welke boerderij nu weer zou afbranden. Zo heeft hij de brand van de veiling ook voorspeld. En toen zijn voorspelling uitkwam, moest hij op het gemeentehuis komen om dat eens even uit te leggen. Ze weten nu hoe rustig hij de toenmalige burgemeester van repliek diende. Kan je iemand intuitie verwijten?
Talloze verhalen zijn er over Piet in omloop. Men weet precies hoe hij leefde. Men weet ook dat hij in zijn jonge jaren eenmaal smoordronken is geweest van teveel jenever. Daarna heeft hij van zijn levensdagen geen jenever meer geproefd. Port was zijn drank maar met mate.
Nog kort voor zijn dood zei hij tegen een vrouw bij wie hij wel eens een kop koffie dronk: Denk erom Antje, als ge jankt bij mijn begrafenis, kom ik uit mijn kist.Niemand mocht bedroefd zijn bij zijn afscheid. Het is gegaan zoals Piet van Oijen het wenste. De raad van elf, met Prins Carnaval, heeft hem uitgedragen en er zijn geen tranen gevloeid. Maar dat er in Vlijmen geen droefheid is om het verscheiden van een zo bemind mens zal niemand durven beweren.


Bron: www.heusdeninbeeld.nl

Terug naar boven

v1

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  • Pagina's

  •