v1

"W.C. Hazelaar en de sjang"

door Luc Alosery

Photobucket 

v1

            W.C. Hazelaar en de Sjang  

Onder aan de trap in de Ekelaarlaan daar woonde de heer W.C. Hazelaar, bekend als den Hasseler, van beroep klokkenmaker, schoenmaker en handelaar. Op een dag kwam Hasje zoals hij ook wel genoemd werd bij Piet van Miekes (de gekke Piet) de plaats opgelopen en klopte aan de deur. Koos de snor, de vrouw van de Gekke Piet, deed open en vroeg wat Hasje moest hebben. Ik had graag met het hoofd van het gezin gesproken zei Hasje (hij kwam van oorsprong uit Den Haag) Daar spreek je mee zei Koosje. Nee nee zei Hasje ik bedoel uw man Piet. O, zei Koosje, kom dan maar even naar binnen. Ik zal maar met de deur in huis vallen zei Hasje tegen Piet, ik wil graag dat hoekje wortelen van je kopen. Ik heb ze eens bekeken en ze zien er goed uit, ik zal je een goede prijs geven. Zeg maar wat ze moeten kosten. Nou zei Piet ik heb eigenlijk al een koper, maar wij kennen elkaar al langer, dus jij kunt ze kopen voor een vriendenprijsje van fl. 7,50. Hasje vond dat wel een mooie prijs maar dan moest Piet de wortelen zelf rooien en dan zou Hasje ze ophalen met zijn bakfiets, een omgebouwde ijscokar, die hij gekocht had van Nillus de Vos. Dat komt voor elkaar zei Piet, ik begin meteen. De jongens hielpen Piet mee om de wortelen te rooien. Toen dat gebeurd was haalde Piet een flinke bos wortelen van de hoop en legde deze in de schuur. Tegen de jongens zei hij mondje dicht dan mogen jullie straks een ijsje halen bij Nillus de Vos. Na ongeveer een half uurtje kwam Hasje met zijn bakfiets en de jongens laadde de wortels op de wagen en Hasje wilde afrekenen met Piet. Maar deze zei: Hasje ik heb in de schuur ook nog een mooi hoopje wortelen liggen, wil je die misschien ook nog kopen? Na het hoopje gezien te hebben zei Hasje: Piet ik geef je er drie gulden voor. Nee zei Piet jij krijgt ze voor fl. 2,50 omdat jij een goede klant bent. En zo kocht Hasje zijn eigen wortels. Nou klinkt dat zielig maar dat was het niet. Hasje kon er zelf ook wat van, zo moest hij een paar schoenen repareren voor Jan de Peekop. Maar hij te weinig leer om de schoenen te verzolen en toen heeft hij onder een van de schoenen een kartonnen zool gelegd, althans zo gaat het verhaal. Verder woonde aan de trap boven op den dijk Sijke en Nord. Sijke stond in Vlijmen erg bekent omdat zij altijd twee hoeden op had en als zij moest plassen ging ze gewoon langs de weg zitten. Sijke was niet gek zei dokter Martens maar Sijke was dement. Dat was heel erg want zo vergat zij soms waar ze woonde of wie ze was. Omdat wij dat niet wisten moesten wij altijd lachen om Sijke. Broer van Trui de Loer zei tegen ons: daar moeten jullie niet mee lachen want de dokter heeft gezegd dat Sijke niet gek is maar ze is een vent, ik heb ’t zelf gehoord echt waar. De jongens lagen dubbel van ’t lachen. Aan de Heidijk woonde ook Jan de Sjang een accordeonist die speelde overal op feesten en partijen samen met de Gekke Piet. Jan die kon niet lezen of schrijven en hij kon ook geen klok kijken. Als de jongens dan langs kwamen dan vroegen ze aan Jan hoe laat het was. En dan keek hij op zijn horloge en zei oei, oei hij staat stil, ik zal het wel even aan Cato vragen. Jan de Sjang ging altijd met zijn broer Frans, die ook accordeon speelde, buurten bij Gekke Piet en dan werd er natuurlijk muziek gemaakt. Dat was altijd heel gezellig, alleen de dominee vond het minder leuk die moest telkens vragen of het wat minder luidruchtig kon. De kerkgangers konden hem niet verstaan door de muziek die ook nog met luidsprekers werd versterkt. De instrumenten werden dan opgeborgen en men ging gezellig verder met kletsen. Jan de Sjang stond bekent om zijn sterke verhalen dus probeerde men hem altijd uit zijn tent te lokken zodat hij een verhaal vertelde. Ik was nog een kleine jongen, vertelde Jan, en ik moest met mijn broer Frans en mijn vader gaan hooien in de polder. We hadden de hele dag hard gewerkt onder een gloeiend hete zon. Toen we eindelijk naar huis gingen speelde, zoals gewoonlijk, mijn vader op de accordeon en wij lagen boven op het hooi mee te zingen. Opeens kreeg ik vreselijke jeuk, zei Jan, en ik moest de hele tijd krabben. Toen we thuis kwamen maakte ik mijn hemd open en daar zag ik een dikke vette muis, snel pakte ik hem en sloeg hen dood op de brandende kachel. Mijn moeder werd zo kwaad dat ik mij buiten in de sneeuw heb moeten omkleden. Iedereen moest lachen want ze waren gaan hooien en hij zei dat er sneeuw lag, Ja zulke verhalen had Jan altijd. Ook vertelde hij dat hij op een keer, na het muziek maken in Tilburg, op de brommer door het Ven terug naar Vlijmen reed. Plotseling sprong er een gemaskerde man op zijn pad en riep Sjang je geld of je leven. Jan riep: geld heb ik niet, maar je kunt wel een sigaret krijgen en daar nam de overvaller genoegen mee aldus Jan. Ook vertelde hij dat hij eens op de fiets naar Waalwijk was geweest en hij zich erg moe voelde en dat iedereen hem voorbij reed. Ik was gewoon buiten adem en wist niet waarom. Op de terug weg was het weer het zelfde en ik was blij dat ik thuis was. Even later vroeg mijn vrouw Cato waarom ik mijn fiets op slot had gezet want dat deed ik anders nooit. Dus daarom moest ik zo hard trappen, die rot jong hebben mijn fiets op slot gezet, zei Jan. Op een keer zat ik te vissen aan de Puttenbrug en de vissen wilden maar niet bijten, maar ik gaf de moed niet op. Na enige tijd zag ik plotseling een luciferdoosje drijven en ik dacht nog ze gooien maar van alles in het water, dat moest verboden worden. Ik pakte mijn schepnet en haalde het luciferdoosje naar de kant. Toen ik het openmaakte zat er een splinternieuwe pet in, dus ik had toch nog wat gevangen die dag. Ook vertelde hij het verhaal van kort na de oorlog op het vliegveld Gilze-Rijen. Hij werkte daar voor de Amerikanen en hij was de bestuurder van een hele grote bulldozer. Daarmee moest hij alle bomtrechters op het vliegveld dicht gooien zodat er weer vliegtuigen konden landen. Op zekere dag lande er een gevechtsvliegtuig van de Amerikanen en dat kwam recht op Jan af gereden en stopte naast de bulldozer. De piloot zei: goedendag Sjang alles kits? Je hebt weer mooi werk afgeleverd want de landingsbaan is zo glad als een babykontje. Ik wilde vroeger altijd al bulldozerchauffeur worden, maar helaas kon ik dat niet, zei de piloot tegen Jan. Mag ik eens even op de bulldozer rijden Jan, dan mag jij even vliegen. Natuurlijk deed ik dat, zei Jan, want ik wilde altijd al vliegen. Maar na een paar rondjes gevlogen te hebben en wat stuntvliegen lande ik weer naast de bulldozer aldus Jan. Nou die Amerikaan kon beter vliegen dan met een bulldozer rijden, want heel de baan was ongelijk.  

Luc Alosery                                       

v1

Terug naar boven

 

 

 

 

 

 

 

  • Pagina's

  • Pagina's